Middelburgse geschiedenis en monumenten

Korte stadsgeschiedenis
Middelburg, een stad met een sprekende naam. Want Middelburg is ontstaan uit een verdedigingswerk, een vluchtburg of een burcht, opgericht in de 9e eeuw tegen de binnenvallende Noormannen. Middelburg zou dan de middelste burcht zijn geweest tussen Domburg (in het noorden) en Souburg (in het zuiden). Mogelijk is de burg gebouwd door de Vikingen zelf, tegen het geweld van later komende invalles. Een natuurlijke verheffing in het landschap, het knooppunt van de twee oude Walcherse ruggen, thans de Noordweg en de Seisweg, zich voorzettend in de Segeersweg, vormde de grondslag voor de burg. Aan de noord- en oostzijde werd deze verheffing omgespoeld door een kreek: de Arne. Aan de zuid- en westzijde werd de cirkel gesloten door een gegraven gracht. Deze oude situatie is op de huidige stadsplattegrond nog duidelijk waar te nemen. Lees verder.
Stadhuis, Markt
In 1452 werd de eerste steen gelegd voor een nieuw Stadhuis. Onder leiding van het beroemde bouwmeestergeslacht Keldermans uit Mechelen is vele jaren aan dit prachtige gebouw gewerkt. Het stadhuis werd in 1940 zwaar beschadigd, waarbij onder meer de 18e eeuwse aanbouw in de Lange Noordstraat verloren ging. Het gehele complex is echter weer schitterend gerestaureerd. Het stadhuis wordt gerekend tot een van de mooiste stadhuizen van Nederland. De voorgevel van het stadhuis wordt gesierd door de beelden van de graven en gravinnen van Holland en Zeeland.Lees meer


Abdijcomplex
De middelburgse Abdij vindt haar oorsprong in een bescheiden klooster gelegen nabij de kreek de Arne. Omstreeks 1127 vestigde zich hier Praemonstratensers uit de Abdij van St. Michiel te antwerpen. In 1574 moesten zij de Abdij verlaten en sindsdien zetelt hier het provinciaal bestuur. Het Abdijcomplex bestaat verder uit de Nieuwe Kerk, de Wandelkerk, de Koorkerk, het Zeeuws Museum en de Abdijtoren: de "Lange Jan".
Ronddwalend over het huidige terrein met de indrukwekkende toegangspoorten, het grote plein, Abdijtoren de Lange Jan en drie kerken, ontdekt u een voor ons lang uniek monumentaal complex in het centrum van de stad. De enige abdij in Nederland die in de stad is gevestigd.



Kloveniersdoelen
De Kloveniersdoelen is gebouwd in 1607 in de Vlaams Renaissance-stijl.
Van 1984 tot 2004 is hier het Centrum nieuwe MUZIEK gehuisvest geweest.

Geschiedenis
Na de voltooiing in 1611 fungeert de schutterij 'van de bus'. In 1735 wordt de toren van de Kloveniersdoelen door de bliksem getroffen en ten gevolge van de zware schade geheel afgebroken. Tussen 1878 en 1795 is de Kloveniersdoelen eigendom van de Oost-Indische Compagnie. In 1795 wordt de Kloveniersdoelen ingericht als militair hospitaal na een inval van de Franse Revolutielegers. In 1968 vindt een grondige restauratie plaats. De toren herrijst en de topgevel wordt vernieuwd. Van 1975 tot 1984 was in de Kloveniersdoelen de Provinciale Muziekbibliotheek gehuisvest.

Architectuur
De fraaie voorgevel met 36 sierankers, naar ontwerp van een onbekende meester, is opgetrokken uit baksteen op een plint van zandsteen. De topgevel boven het bordes in de trant van Vredeman de Vries, is aan weerszijden geflankeerd door sierlijke dakkapellen. Deze topgevel met zandstenen rollaag, eindigt in zwierige voluten en wordt door twee waterlijsten in drie delen verdeeld. Onder de onderste waterlijst zijn twee stenen met de wapens van Middelburg en Zeeland aangebracht. Daarboven bevinden zich op de hoeken obelisken op voetstuk. Dit gedeelte van de middengevel eindigt in een gevelsteen met gebeeldhouwde haakbussen en kogels; een herinnering aan de vroegere bestemming van het gebouw. Het driehoekig fronton met blank wapenschild, bekroond met een vergulde adelaar, wordt gedragen door twee zuilen (caryathiden), waarnaast twee half figuren (engelen). Het dak is versierd met dakvensters met pirons.
Het dubbele bordes heeft een balustrade van zandsteen, versierd met vier leeuwen en de wapens van Zeeland en Middelburg.
Aan de binnenzijde van het gebouw wijzen de versieringen van de oorspronkelijke bestemming van het gebouw als huisvesting van de 'schutters van den Bus'. Dit schuttersgilde werd, naar hun wapen, de 'coeuvrine' ook wel als 'de kloveniers' betiteld.
In de concertzaal bevindt zich een schouw gesteund op marmeren pilaren met houten fries, waarop krijgsattributen zijn afgebeeld alsmede een onbekend familiewapen. Twee balksteunen dragen de wapens van de families Veth en De Vroe.
Van de Perrehuis, Hofplein
Dit schitterende monument staat bekend als het ‘Van de Perrehuis’. Het achttiende-eeuwse Van de Perrehuis is gebouwd op de kelders van een Middeleeuws klooster: de Commanderij der Duitse Orde. Dit was een ridderorde, waarvan de leden het rooms-katholieke geloof in het oosten moesten verspreiden. De ridderorder stond in hoog aanzien, zelfs nog na drie eeuwen na hun vertrek uit Middelburg: het stadspaleis dat mr. Johan Adriaen van de Perre, die met de schatrijke Jacoba van den Brande getrouwd was, omstreeks 1765 liet bouwen op de plek van het klooster noemde hij de Commanderij.
Tegenwoordig staat het stadspaleis bekend als het Van de Perrehuis. Het echtpaar gebruikte het huis voornamelijk als winterverblijf. ’s Zomers woonden ze meestal in hun kasteel Westhove bij Oostkapelle. Daarnaast beschikten Van de Perre en zijn vrouw nog over twee buitenplaatsen op Walcheren. Het ‘Van de Perrehuis’ werd gebouwd door de Antwerpse architect Johan Peter van Baurscheit en zijn neef Engelbertus Baets. Van 1838 tot 1995 was het gebouw in gebruik als rechtbank. In de jaren vijftig van de twintigste eeuw is er aan de rechterachterzijde een vleugel aangebouwd.
De afgelopen jaren is het huis zorgvuldig gerestaureerd, waarbij alle vertrekken een geheel eigen karakter en uitstraling hebben gekregen. Tegen het 18de- eeuwse huis verrees een moderne glazen nieuwbouwvleugel. In deze unieke combinatie van oud en nieuw is sinds 1 januari 2000 het Zeeuws Archief gevestigd.
De stijlkamers zijn bijzonder goed bewaard gebleven en zijn alleen op Open Monumentendag toegankelijk voor publiek.
Lange Jan
Met zijn 85 meter domineert de Abdijtoren, bijgenaamd de "Lange Jan", het voormalige eiland Walcheren. De toren is diverse malen door brand verwoest, onder meer in 1476, 1512, 1568, 1712, 1940. De achtkantige stenen onderbouw is altijd gehanthaafd gebleven. De bovenzijde van een keizerskroon voorziene toren heeft in de loop der eeuwen echter diverse wijzigingen ondergaan.

Het Hofje onder de toren.
Voor het bombardement van 17 mei 1940 was hier een totaal andere stedenbouwkundige situatie met dicht aangesloten bebouwing. De woningen waren bedoeld als vervanging van een verwoest diaconie hofje. Het hofje werd in de trant van de Delftse School gebouwd, naar een ontwerp van architect F.A. Eschauzier. Aangezien de woninkjes niet meer aan de eisen voldeden, kreeg het hofje een andere bestemming. Na de recente verbouwing biedt het hofje nu onderdak aan instellingen en bedrijven die met wonen te maken hebben.
Stadsschuur
De stadsschuur werd hoogstwaarschijnlijk in 1585 gebouwd. Het rechthoekige gebouw is een goed voorbeeld van de Hollandse Renaissancestijl. Het heeft een heel sprekende naam, want het diende "tot bewaaring van Stads Bouwstoffen en Gereedschappen". En het is heel lang (tot end 1998) als zondanig in gebruik gebleven. Na een grondige restauratie en een inpandige verbouwing werd het pand in 2003 door architectenbureau Rothuizen van Doorn't Hooft betrokken.
Aan de buitenzijde van de stadsschuur zijn enkele aardige zaken, als een 17de eeuwse zonnewijzer en een 18e eeuwse harsteen, waarop de vloedhoogten in Middelburg zijn aangegeven, bewaard gebleven.
Baron Chassee
Dit mooie patriciërshuis werd in het tweede kwart van de 18e eeuw gebouwd voor de familie van Visvliet. Na een kleine honderd jaar in het bezit van deze familie te zijn geweest ging het huis in eigendom over aan luitenant-generaal David Hendrick baron Chassee (1765-1849). Zijn naam draagt het gebouw nog steeds.
Na een bestemming als woonhuis en hotel-restaurant herbergt de "Baron Chassee" momenteel onder meer de Heerensociëteit. Het interieuwe is zeer de moeite waard. Zo is er bijzonder rijk Regence stucwerk en zijn er fraaie schoorstenen, betimmeringen en schilderingen.